Zijn strips wel te vertalen?

Comics in translation

Federico Zanettin heeft een boek samengesteld met dertien case studies over het vertalen van strips, een onderwerp waar het tijdschrift 'Filter' eerder dit jaar een special aan wijdde. Jan Cumps schreef een recensie over het boek 'Comics in translation'.

Vertaling in het algemeen (en van ‘comics’ in het bijzonder) is zo boeiend omdat het om zoveel meer gaat dan alleen maar taal. Er komt bij vertaling van stripverhalen, bijvoorbeeld, meer kijken dan alleen maar het omzetten van woorden in tekstballonnen (en kaders) van de ene taal in de andere. Overigens suggereren specialisten dat de ware betekenis wel eens zou kunnen schuilen in de lege spaties tussen de kaders: de lezer vult die zelf in met zijn verwachtingen (en zijn kennis) en op die manier doorgrondt hij de betekenis van wat soms onsamenhangende woorden en beelden blijken te zijn. Zanettin wees er vroeger al op dat men in het verleden stripverhalen vooral gebruikte als bron om te illustreren hoe typische aspecten zoals woordspelingen, eigennamen, klanknabootsingen, allusies... worden vertaald. Ruimere ‘cultuur’aspecten spelen bij vertaling een cruciale rol. Zo werden Amerikaanse ‘comics’ onder het fascistische regime in Italië verboden; maar dat was slechts later het geval voor de Disney-stripverhalen omdat Mussolini er wel van hield.

 

Het boek Comics in Translation biedt een uitstekend overzicht en overbrugt op die manier de kloof tussen enerzijds een kunstvorm (de ‘negende kunst’) die intrinsiek deel uitmaakt van het culturele weefsel van de meeste landen, en anderzijds de vaststelling dat maar relatief weinig is geschreven over de vertaling van stripverhalen hoewel in heel wat landen het grootste deel van de stripverhalen vertalingen zijn.

 

Thema’s als de impact van globalisering, vertaling van cultureel- en taalspecifieke kenmerken en de wisselwerking tussen visuele en verbale boodschappen komen aan bod. Het boek onderzoekt stripverhalen (uit zeer verscheidene culturen en genres) die zich richten tot lezers van verschillende leeftijdsgroepen en culturele achtergronden, variërend van Disney-stripverhalen tot Spiegelmans Maus (één van de case studies in het boek is trouwens gewijd aan de vertaling van Maus), en van Otomo’s Akira tot Goscinny en Uderzo’s Astérix. Het boek behandelt strips in verschillende talen (Engels, Italiaans, Spaans, Arabisch, Duits, Japans en Inuit) en bevat illustraties uit de besproken werken en een uitgebreide geannoteerde bibliografie (p. 270-306).

 

Uit de dertien bijdragen signaleren we (naast de al vermelde analyse van Maus) die van Catherine Delesse waarin ze de vertaling behandelt van eigennamen, woordspelingen en ‘spoonerisms’ (Van Dale: ‘verwisseling van beginletters van twee of meer woorden, bijvoorbeeld ‘peatot’ in plaats van ‘teapot’) in de vertaling van Astérix en Tintin albums van het Frans naar (vooral) het Engels. Een andere interessante bijdrage is die van Jüngst die de vertaling van educatieve stripverhalen onderzoekt. Dezelfde auteur heeft het in een andere bijdrage over de vertaling van de steeds maar populair wordende Japanse ‘manga’. Bijzonder boeiend is verder ook de studie van de vertaling van Disney-stripverhalen in het Arabisch.

 

Samenvattend: de titel van het artikel van Jan Baetens, ‘Tintin the untranslatable’, (geciteerd in de geannoteerde bibliografie) illustreert hoe moeilijk het vertalen van stripverhalen wel is. Comics in Translation is een boek dat op het eerste gezicht misschien wat theoretisch lijkt maar dat mij met verwondering heeft doen lezen en nadenken. 

 

Jan Cumps

 

Zanettin, F. (ed.)

Comics in Translation

Manchester, St. Jerome Publishing, 2008, 336 p. (£ 28.00)

 

getdata.jpg

We stellen je mening op prijs. Deze wordt hier direct gepubliceerd.

Naam
E-mailadres
Mijn reactie