Jongens13 - 17 verliezen belangstelling voor lezen door beperkte reflectie
Het onderzoek wijst in grote lijnen uit dat met name jongens tussen de 13 en 17 jaar vaak hun belangstelling voor lezen verliezen en dat dit alles te maken heeft met hun persoonlijkheidsontwikkeling. Jongens blijken wat ze lezen vaak alleen te kunnen betrekken op zichzelf, niet op anderen en de wereld om hen heen. Anders gezegd, ze zijn niet goed in staat te reflecteren naar aanleiding van wat ze lezen. Meisjes lopen in hun ontwikkeling vooruit op de jongens en kunnen dit vaak wel.
Oefenen met reflecteren naar aanleiding van verhalen
Schlundt Bodien en Nelck-da Silva Rosa gaan natuurlijk ook in op de manier waarop je dit probleem zou kunnen oplossen. Verrassend is hierbij dat voorlezen door ouders volgens het onderzoek weinig oplevert. Een citaat uit het persbericht gaf met name aanleiding tot ongenuanceerde aandacht in de media: "Stimuleer de leesattitude vanaf de eerste groep in het basisonderwijs tot en met het eindexamen door met kinderen na te praten en hen een leesdagboek bij te laten houden. Bied ze een zo breed mogelijke hoeveelheid leesstof aan, variërend van Suske en Wiske tot Multatuli."
Discussie over versimpelde stellingen
In het AD en op Radio werd dit advies versimpeld tot: onderzoekers adviseren Suske en Wiske toe te laten op de literatuurlijst. Docenten Nederlands die gevraagd worden te reageren op een dergelijke uitspraak gaan begrijpelijkerwijs meestal steigeren.
Als je iets genuanceerder kijkt naar de resultaten van dit onderzoek zou de discussie moeten gaan over de mogelijkheid dat het lezen van niet-literaire boeken (strips, avonturenboeken) een opstap kan vormen tot het lezen van literaire boeken. Er is heel veel onderzoek dat vanuit verschillende perspectieven positief is over deze 'opstaptheorie'. Schlundt Bodien en Nelck-da Silva Rosa zijn dit vanuit hun onderzoeksinvalshoek ook. "Ouders kunnen [met het stimuleren van reflectie naar aanleiding van wat kinderen lezen] al heel vroeg beginnen, door kinderen te stimuleren om een verhaaltje af te maken, na te spelen of verbanden te leggen tussen het verhaal en het kind zelf." Het gaat de onderzoekers hier om het aanleren van een basisvaardigheid: een verhaal van een schrijver als aanleiding nemen om een verhaal op jezelf, mensen om je heen, de wereld te betrekken. Het is logisch dat de onderzoekers toejuichen dat deze basisvaardigheid wordt getraind met iedere verhaalvorm, literair of niet.
Meer toegankelijkheid
Daarbij zijn eenvoudige, niet-literaire vormen soms gemakkelijker als oefenmateriaal omdat ze in eerste instantie meer aansluiten bij wat kinderen plezierig vinden. Een avonturenroman is spannend en dat sluit aan bij de interesse van jongens. Strips hebben een visuele component en dat sluit aan bij een visuale oriëntatie van veel kinderen. Als met deze of andere aantrekkelijke verhaalvormen voldoende is geoefend in het 'reflecteren over' is de stap naar het reflecteren naar aanleiding van literatuur kleiner.
Wat vooraf gaat aan het begrijpen van literatuur
Leraren Nederlands willen natuurlijk dat kinderen uiteindelijk zover komen dat ook literatuur aanleiding kan geven tot reflectie, of ze die literatuur nu leuk, spannend of aantrekkelijk vinden of niet. Dat is duidelijk een volgende stap en de stelling dat Suske en Wiske op de lijst een titel van Reve zou moeten vervangen roept vanuit dat perspectief uiteraard weerstand op. De opstaptheorie heeft toch meer betrekking aan wat voorafgaat aan het waarderen en begrijpen van literatuur.
Versimpeling van stellingen is aantrekkelijk voor AD en Radio 1
Het is jammer dat de manier waarop de discussie nu via de media wordt gevoerd alleen gaat over versimpelde stellingen. Ook jammer is het dat veel mensen de strip als medium achteloos reduceren tot Suske en Wiske. In de boekhandel ook steeds meer 'literaire strips'. Een discussie over de vraag of Maus van Art Spiegelman op de Engelse literatuurlijst mag of wat de in stripvorm uitgegeven 'De Avonden' van Dick Matena heeft toe te voegen aan het origineel heeft wel zin. Maar zulke genuancieerde discussies zullen het AD en Radio 1 waarschijnlijk niet halen.
Zie verder
Auteur: Eelco Kraefft
| Verwijzingen |
|
Met het verschijnen van het 'Abecedarium van de grafische roman' door Joost Pollmann is er eindelijk een boek dat de Nederlandse leraar zou kunnen overtuigen dat de grafi ...
|
|
|
De reacties op de stripversie van De Avonden van Gerard Reve zijn heel verschillend. Literatuurliefhebbers kunnen het vaak wel waarderen, stripliefhebbers zijn over het a ...
|
|
|
Onderzoek gepubliceerd door de Taalunie wijst uit dat docenten Nederlands mogelijkheden zien om strips toe te passen in de Nederlandse les maar behoefte hebben aan concre ...
|
|
|
Dat leesbevordering bij jonge kinderen al heel vroeg aandacht vraagt, is nog niet zo lang bekend. Het beruchte PISA-onderzoek in Duitsland heeft ertoe bijgedragen dat men ...
|
|
|